Vul uw naam en e-mailadres in om verder te gaan.
Wij gebruiken uw gegevens om u dit materiaal te sturen en af en toe tips over het inburgeringsexamen. Lees ons privacybeleid.
Een compleet oefenexamen in de opzet van staatsexamen NT2 Programma I: twaalf opdrachten, 100 minuten, met beoordelingsmodel en voorbeeldantwoorden.
This page is in Dutch on purpose, because your writing exam is in Dutch too. On the B1 route you take the language exams as staatsexamen NT2 Programma I, so the writing exam on this page is the exam you will actually sit. It has twelve tasks in a fixed pattern: eight sentence tasks, two part-writing tasks and two short writing tasks, in one hundred minutes. The pdf includes the official marking aspects and model answers. Preparing for A2 instead? Use our A2 writing practice exams. Want a teacher to correct your writing? Book a free 15 minute call.
Het volledige examen met twaalf opdrachten, het beoordelingsmodel volgens de officiele aspecten, voorbeeldantwoorden en een scoreformulier.
| Onderwerp | Het echte examen | Dit oefenexamen |
|---|---|---|
| Officiele naam | Staatsexamen NT2 Programma I, onderdeel Schrijven | Zelfde opzet |
| Tijd | 100 minuten | 100 minuten |
| Aantal opdrachten | 12 | 12 |
| Verdeling | 8 zinstaken, 2 deelschrijftaken, 2 korte schrijftaken | Dezelfde verdeling |
| Hulpmiddel | Van Dale Pocketwoordenboek NT2 toegestaan | Gebruik hetzelfde woordenboek |
| Beoordeling | Adequaatheid en grammaticale correctheid, aangevuld met spelling, samenhang en woordgebruik | Beoordelingsmodel op dezelfde aspecten |
| Cesuur | 500 op de vaardigheidsschaal | Indicatie via het scoreformulier |
Bron: staatsexamensnt2.nl en de Regeling beoordelingsnormen Staatsexamen Nt2, bijlage 1. De cesuur van 500 ligt op een vaardigheidsschaal en is geen vast aantal punten: welke ruwe score daarbij hoort verschilt per examenversie. Een middellange schrijftaak hoort bij Programma II en zit dus niet in dit examen.
Elke opdracht geeft u eerst een situatie en het document waarop u reageert. Pas daarna komt de schrijfopdracht. Precies zoals bij het echte examen.
U huurt een woning van woningcorporatie Stedelijk Wonen.
De verwarming in uw woonkamer doet het al twee weken niet.
U hebt twee keer gebeld, maar er is nog geen monteur geweest.
U schrijft een korte brief aan de woningcorporatie.
Dit is het model bij de opdracht hierboven. In de pdf staat bij elke opdracht zo'n tabel, plus een voorbeeldantwoord dat de volle punten haalt.
| Onderdeel | Waar let de beoordelaar op? | Punten |
|---|---|---|
| Adequaatheid | Alle vier de inhoudspunten zijn verwerkt en de brief past bij een klacht aan een verhuurder. | 3 |
| Grammaticale correctheid | De zinnen zijn grammaticaal correct, met correcte bijzinnen en verleden tijd waar dat nodig is. | 2 |
| Spelling | De spelling is verzorgd. | 1 |
| Samenhang | De brief heeft een duidelijke opbouw met alinea’s en verbindingswoorden zoals daarom, bovendien en omdat. | 1 |
| Woordgebruik | Het woordgebruik is formeel en beleefd, met een correcte aanhef en afsluiting. | 1 |
| Totaal voor deze opdracht | 8 | |
Het voorbeeldantwoord bij deze opdracht staat bewust onderaan deze pagina. Schrijf eerst uw eigen tekst. Wie eerst het antwoord leest, leert er niets van.
Het echte examen is met pen en papier. Print de pdf en schrijf met de hand, dan oefent u ook uw tempo.
100 minuten voor alle 12 opdrachten. Wie zonder klok oefent, komt op het examen tijd tekort.
Gebruik het beoordelingsmodel achterin. Wees streng: een beoordelaar leest wat er staat, niet wat u bedoelde.
Leg uw tekst naast het voorbeeldantwoord en schrijf de opdracht daarna nog een keer.
Bij een zinstaak krijgt u een half zinsdeel. Uw vervolg moet daar grammaticaal op aansluiten, en de zin eronder moet er ook nog op kloppen. Lees uw zin altijd hardop terug met de gegeven tekst erbij. Dit is de meest gemaakte fout van allemaal.
Na omdat, zodat, hoewel en terwijl gaat het werkwoord naar achteren. Precies daar breken de zinstaken vaak af, en precies daar verliezen kandidaten hun punt voor grammaticale correctheid. Oefen dit apart tot het automatisch gaat.
Bij een korte schrijftaak staan drie of vier punten die verwerkt moeten worden. Een mooie tekst waarin een punt ontbreekt scoort lager dan een eenvoudige tekst waarin alles staat. Adequaatheid weegt zwaarder dan schoonheid.
Schrijven op B1 gaat vaker mis op woordvolgorde dan op woordenschat, en dat ziet u zelf bijna nooit. In een gratis gesprek van vijftien minuten kijken wij een van uw teksten na en zeggen wij welke fout u structureel maakt.
Boek een gratis intake van 15 minutenBekijk de inburgeringscursus · Privélessen · Online zelfstudie
Ja. Op de B1 route legt u de taalexamens af als staatsexamen NT2 Programma I. Het examen Schrijven dat u dan maakt, is dus letterlijk hetzelfde examen. Oefent u voor inburgering op B1, dan oefent u automatisch ook voor staatsexamen NT2 Programma I.
100 minuten voor twaalf opdrachten. Verdeel uw tijd: reken ongeveer vier minuten per zinstaak en vijftien minuten per korte schrijftaak. Wie de zinstaken te langzaam doet, komt bij de laatste schrijftaak tijd tekort, en juist daar zitten de meeste punten.
Uit twaalf opdrachten in een vaste verdeling: acht zinstaken, twee deelschrijftaken en twee korte schrijftaken. Die verdeling staat op staatsexamensnt2.nl en is bij elke examenversie hetzelfde.
Een opdracht waarbij u een zin schrijft of een aangeboden zin afmaakt. U krijgt bijvoorbeeld een e-mail met de regel: ik wil je vragen de rekening snel te betalen, anders ... en die maakt u af. Er zijn twee punten te halen: een voor de inhoud en een voor de grammatica.
Een opdracht waarbij u een kort bericht schrijft, een tekst aanvult of een formulier invult. Het is meer dan een zin, maar minder dan een hele brief. Vaak is het een reactie op een bericht dat u ontvangt.
Het officiele examen noemt geen woordenaantal. Getallen als 120 tot 150 woorden die op andere sites circuleren, staan niet op staatsexamensnt2.nl en niet bij het CvTE. Wat wel telt: staat alles in uw tekst wat er gevraagd werd. Bij een korte schrijftaak zijn dat meestal drie of vier inhoudspunten.
Ja. Bij het staatsexamen NT2 mag u een Van Dale Pocketwoordenboek NT2 gebruiken. Elektronische hulpmiddelen, dus ook uw telefoon en vertaalapps, zijn niet toegestaan. Oefen met datzelfde woordenboek, dan weet u tijdens het examen hoe snel u iets opzoekt.
Volgens de Regeling beoordelingsnormen Staatsexamen Nt2 op twee vaste aspecten: adequaatheid, dus of uw tekst doet wat er gevraagd werd, en grammaticale correctheid. Afhankelijk van de opdracht komen daar spelling, samenhang en woordgebruik bij. Een zinstaak levert maximaal twee punten op, een korte schrijftaak ongeveer acht.
De regeling zegt: een score van 500 of hoger op de vaardigheidsschaal betekent dat u geslaagd bent. Dat is geen vast aantal punten. Welke ruwe score bij die 500 hoort, verschilt per examenversie. Gebruik het scoreformulier in de pdf daarom als indicatie, niet als garantie.
B1 is het standaardniveau onder de Wet inburgering 2021. Afschalen naar A2 mag alleen als u minimaal 600 uur les heeft gevolgd bij een school met het Keurmerk Inburgeren en zich aantoonbaar heeft ingespannen. Sinds 15 juli 2025 kan dat per examenonderdeel, en sinds 6 januari 2026 geldt daarbij een eis van minimaal 20 procent klassikaal onderwijs.
Programma I is gericht op B1 en op werk of een mbo-opleiding. Programma II is gericht op B2 en op hbo of universiteit. Programma II heeft ook een middellange schrijftaak, die in Programma I niet voorkomt. Voor inburgering op B1 doet u Programma I.
Maak eerst het hele examen binnen de tijd. Kijk daarna pas naar het beoordelingsmodel. Streep aan welke inhoudspunten u vergat en welke zinnen grammaticaal fout waren. Wie dat drie keer doet, ziet steeds dezelfde fout terugkomen en kan die gericht wegwerken.
Dit antwoord haalt de volle punten. Het is kort en de zinnen zijn eenvoudig. Dat is geen toeval: op het examen levert een korte correcte zin meer op dan een lange zin met fouten.
Geachte heer, mevrouw,
Ik huur van u een woning aan de Lindenstraat 24. De verwarming in mijn woonkamer werkt sinds 3 februari niet meer. De radiator wordt niet warm.
Ik heb op 4 en op 9 februari gebeld met de afdeling Onderhoud. Beide keren zou een monteur contact opnemen, maar er is niemand geweest.
Dit is een groot probleem voor mij, omdat ik twee jonge kinderen heb. De woonkamer is koud en mijn dochter is al verkouden.
Wilt u deze week een monteur sturen? Ik hoor graag binnen een week van u.
Met vriendelijke groet,
Ivan Petrov